Sluiten

Praktijkonderwijs zet AI centraal op landelijke dag

Op 8 juni 2026 stond de landelijke Dag van het Praktijkonderwijs in Ede in het teken van AI. De VO-raad beschrijft het thema als: AI in het praktijkonderwijs, met kansen, uitdagingen en nieuwe inzichten. Voor leraren, schoolleiders en bestuurders in het praktijkonderwijs is dat een belangrijk signaal: AI is niet alleen een onderwerp voor havo, vwo of hoger onderwijs, maar raakt juist ook leerlingen die sterk leren vanuit praktijk, begeleiding en dagelijkse toepasbaarheid.

Dat maakt dit nieuws relevant voor Nederland en Belgie. Praktijkonderwijs zit dicht op vragen die in alle onderwijssectoren spelen: hoe help je leerlingen omgaan met digitale hulpmiddelen, hoe voorkom je dat AI het leerproces overneemt, en hoe behoud je de menselijke maat?

AI als dagelijkse realiteit

Volgens de VO-raad zijn digitalisering, sociale media en AI niet meer weg te denken uit het onderwijs. Ook leerlingen in het praktijkonderwijs ervaren de gevolgen daarvan dagelijks, positief en negatief. De sector legt daarmee de nadruk op begeleiding: leerlingen hebben niet alleen toegang tot technologie nodig, maar ook duidelijke uitleg, veilige kaders en praktische handvatten.

Dat is een herkenbare verschuiving. Veel scholen praten inmiddels niet meer alleen over de vraag of AI mag, maar over de vraag hoe leerlingen ermee leren omgaan. Zeker bij praktijkgericht onderwijs is dat concreet: AI kan helpen bij plannen, taalsteun, oefenen, voorbereiding op stage of het maken van materialen. Tegelijk blijft de docent nodig om te bepalen wat passend, eerlijk en leerzaam is.

Menselijke maat als kernvraag

Het programma koppelde AI niet alleen aan tools, maar ook aan pedagogiek, sociale veiligheid, ethiek en beleid. Dat is precies waar scholen iets aan hebben. Een leerling die met AI een tekst maakt, een planning laat opstellen of een stagesituatie voorbereidt, heeft nog steeds begeleiding nodig bij vragen als:

  • klopt dit antwoord?
  • past dit bij mijn situatie?
  • wat moet ik zelf kunnen uitleggen?
  • welke gegevens mag ik niet delen?
  • wanneer helpt AI, en wanneer neemt het mijn leren over?

Voor praktijkonderwijs is die menselijke maat extra belangrijk. De waarde van onderwijs zit daar niet alleen in een eindproduct, maar in groei, zelfvertrouwen, begeleiding, beroepshouding en het leren handelen in echte situaties.

Waarom dit breder telt

Ook voor PO, VO, MBO, HBO en WO zit hier een bredere les in. AI-beleid wordt sterker wanneer het begint bij de leerling of student, niet bij de tool. Wat heeft deze doelgroep nodig om verantwoord, kritisch en zelfstandig te leren werken in een omgeving waarin AI normaal wordt?

Voor schoolteams betekent dat: maak afspraken die in de klas uitvoerbaar zijn. Bespreek niet alleen fraude en detectie, maar ook oefening, toegankelijkheid, sociale veiligheid en eigenaarschap. Juist leerlingen en studenten die veel structuur en nabijheid nodig hebben, laten zien waarom AI nooit los kan worden gezien van pedagogische keuzes.

De kern

De Dag van het Praktijkonderwijs laat zien dat AI in het onderwijs volwassen wordt als gespreksonderwerp. Niet door nog een losse tool te presenteren, maar door de vraag te stellen wat leerlingen nodig hebben om met AI te leren, te werken en zichzelf te blijven ontwikkelen. Voor Nederlandse en Belgische onderwijsprofessionals is dat een bruikbare richting: AI vraagt om praktische handvatten, duidelijke grenzen en vooral professionele nabijheid.