Robbert van Empel: ‘De tijd om het over AI te hebben is nú’
In de augustus-editie van Managementboek Magazine spreekt Jeroen Ansink met AI-denker en auteur Robbert van Empel over De Grote Verandering. Van Empels centrale boodschap: kunstmatige intelligentie is geen los hulpmiddel, maar onderdeel van een bredere technologische verschuiving waarover samenleving en onderwijs nu het gesprek moeten voeren.
Voor Nederlandse en Vlaamse onderwijsprofessionals is het interview relevant omdat scholen precies op het kruispunt staan van experimenteren en vooruitkijken. Leerlingen en studenten moeten leren wat AI vandaag kan, maar ook welke keuzes rond werk, privacy, veiligheid en menselijke regie daarachter liggen.
Vier ontwikkelingen versterken elkaar
Van Empel verbindt in het interview vier ontwikkelingen:
- de snelle vooruitgang van kunstmatige intelligentie;
- goedkoper wordende schone energie, die de benodigde rekenkracht kan voeden;
- steeds meer sensoren in telefoons, horloges en andere apparaten;
- biotechnologie en de opkomst van organoid intelligence, waarbij onderzoekers menselijke cellen gebruiken voor nieuwe vormen van informatieverwerking.
Zijn stelling is dat juist de wisselwerking tussen deze ontwikkelingen tot een grote kennisexplosie kan leiden. Hij noemt mogelijke gevolgen voor beroepen, cyberveiligheid, autonome wapens en biotechnologie. Dat zijn toekomstscenario's en waarschuwingen, geen vaststaande voorspellingen. Juist daarom lenen ze zich voor kritisch onderwijs: welke aannames zitten eronder, welk bewijs is er al en waar begint speculatie?
Waarom dit het onderwijs raakt
In de klas lijkt AI soms nog vooral een hulpmiddel voor een samenvatting, afbeelding of eerste tekstversie. Het interview plaatst dat dagelijkse gebruik in een groter perspectief. Als systemen invloed krijgen op kenniswerk, besluitvorming en de arbeidsmarkt, veranderen ook de vaardigheden waarop onderwijs voorbereidt.
Vakinhoud en basisvaardigheden blijven nodig om AI-uitvoer te kunnen beoordelen. Daarnaast worden bronkritiek, privacybewustzijn, systeemdenken en het bespreekbaar maken van onzekerheid belangrijker. Een leerling moet niet alleen weten hoe een tool werkt, maar ook wie de data beheert, welke belangen een leverancier heeft en welke gevolgen automatisering voor anderen kan hebben.
Voor loopbaanoriëntatie betekent dit dat opleidingen verder moeten kijken dan een lijst met beroepen die zouden verdwijnen of ontstaan. Interessanter is de vraag welke taken veranderen, waar menselijke verantwoordelijkheid nodig blijft en hoe leerlingen en studenten zich kunnen blijven ontwikkelen wanneer technologie sneller verandert dan een curriculum.
Experimenteren met duidelijke grenzen
Van Empel adviseert om elke week tijd vrij te maken om met AI kleine problemen op te lossen. Voor een onderwijsteam kan zo'n vast experimenteeruur waardevol zijn: test bijvoorbeeld lesvoorbereiding, feedback, differentiatie of administratie met fictieve gegevens en bespreek daarna wat werkelijk beter ging.
Experimenteren is alleen verantwoord met duidelijke grenzen. Gebruik geen leerlingdossiers, vertrouwelijke toetsvragen, stagegegevens of ongepubliceerd onderzoek in een publieke AI-dienst. Een betaald abonnement is bovendien niet automatisch een privacygarantie. Controleer de verwerkersafspraken, bewaartermijnen, trainingsinstellingen, toegangsrechten en afspraken van de instelling.
Ook bij toetsing is menselijke regie nodig. Teams moeten per opdracht aangeven of AI mag helpen met ideeën, taal, uitleg, feedback of een volledige uitwerking. Wanneer het eigen denkproces het leerdoel is, kunnen een procesverslag, versiegeschiedenis of mondelinge toelichting beter bewijs van beheersing geven dan alleen een verzorgd eindproduct.
Maak toekomstscenario's onderzoekbaar
De scherpe scenario's uit het interview hoeven geen reden voor paniek te zijn. Ze kunnen juist lesmateriaal worden. Laat leerlingen bijvoorbeeld:
- een claim uit het interview vergelijken met primaire bronnen en actuele onderzoeken;
- onderscheid maken tussen wat al bestaat, wat technisch mogelijk lijkt en wat nog speculatief is;
- de gevolgen van één toepassing bekijken voor verschillende groepen;
- onderzoeken welke publieke regels en professionele waarden nodig zijn;
- een eigen handelingsperspectief formuleren voor school, beroep of samenleving.
Zo wordt AI-geletterdheid meer dan leren prompten. Leerlingen oefenen ook met argumentatie, onzekerheid, ethiek en democratische besluitvorming.
Wat teams nu kunnen afspreken
- Plan regelmatig een kort, veilig experiment met een concrete onderwijstaak en evalueer de didactische winst.
- Leg per toepassing vast welke gegevens wel en niet mogen worden gebruikt en wie eindverantwoordelijk blijft.
- Maak bij opdrachten zichtbaar welk gebruik van AI is toegestaan en welk eigen denkwerk aantoonbaar moet zijn.
- Bespreek toekomstclaims aan de hand van bronnen, tegenargumenten en verschillende belanghebbenden.
- Betrek leerlingen, ouders, bestuur en medezeggenschap bij keuzes die privacy, toetsing of toegang raken.
- Zorg voor alternatieven voor wie een AI-dienst niet kan of wil gebruiken.
De kern
Het interview met Robbert van Empel is een uitnodiging om verder te kijken dan de nieuwste AI-functie. Onderwijs kan leerlingen en studenten voorbereiden door technologie praktisch te onderzoeken, risico's serieus te nemen en menselijke keuzes zichtbaar te houden. De toekomst is niet volledig voorspelbaar, maar het gesprek erover kan wel vandaag beginnen.
Lees het volledige interview in Managementboek Magazine als pdf.