EU stelt regels voor hoog-risico-AI in onderwijs uit
De Europese AI Omnibus is op 27 juli 2026 in werking getreden. Daarmee schuift de EU de zwaarste regels voor bepaalde hoog-risico-AI in het onderwijs door van 2 augustus 2026 naar 2 december 2027. Dat raakt rechtstreeks aan systemen voor toelating, beoordeling, niveaubepaling en toezicht tijdens toetsen in Nederland en Belgie.
De extra tijd kan scholen en instellingen helpen om AI-systemen zorgvuldig te inventariseren en toetsen. Tegelijk ontstaat een reeel risico dat uitstel wordt gelezen als toestemming om voorlopig door te gaan zonder duidelijke waarborgen. De AVG, bestaande onderwijsregels en de verantwoordelijkheid voor zorgvuldige beoordeling zijn niet uitgesteld.
Welke onderwijs-AI geldt als hoog risico?
De Europese Commissie meldt dat de regels voor AI-systemen in bijlage III van de AI-verordening vanaf 2 december 2027 gaan gelden. De definitieve verordening is rechtstreeks van toepassing in alle EU-lidstaten.
Voor onderwijs en beroepsopleiding noemt bijlage III vier toepassingen:
- AI die toegang of toelating bepaalt, of mensen aan een school, opleiding of traject toewijst;
- AI die leeruitkomsten beoordeelt, ook wanneer die uitkomst het verdere leerproces stuurt;
- AI die bepaalt welk onderwijsniveau iemand krijgt of kan bereiken;
- AI die tijdens toetsen verboden gedrag monitort of detecteert.
Dat kan bijvoorbeeld gaan om AI voor selectie van studenten, summatieve beoordeling, een niveaubepalende adaptieve leeromgeving of geautomatiseerde proctoring. Een gewone chatbot, spellinghulp of oefentool is niet automatisch hoog risico. Het beoogde gebruik en de invloed op een beslissing over een leerling of student zijn bepalend. Een AI-tool kan bovendien buiten deze vier onderwijsdoelen vallen en toch onder andere wet- of regelgeving vallen.
Wat is er precies uitgesteld?
De specifieke eisen voor deze hoog-risico-systemen zouden grotendeels op 2 augustus 2026 van toepassing worden. De nieuwe datum is 2 december 2027. Die eisen gaan onder meer over risicobeheer, datakwaliteit, technische documentatie, logging, transparantie, menselijk toezicht, nauwkeurigheid en verantwoordelijkheden van aanbieders en gebruikers.
Het gaat dus niet om uitstel van de volledige AI-verordening. Andere onderdelen kennen eigen data en sommige regels gelden al. Ook verandert de nieuwe planning niets aan de AVG, aan regels voor toetsing en examinering of aan de zorgplicht van scholen en instellingen.
Voor onderwijsorganisaties is vooral belangrijk dat de deadline verschuift, maar de richting niet. Een systeem dat een toelatingsbesluit, cijfer, onderwijsniveau of verdenking van fraude wezenlijk beinvloedt, blijft een toepassing waarvoor stevige waarborgen nodig zijn.
De plicht rond AI-geletterdheid wordt soepeler
De Omnibus wijzigt ook artikel 4 over AI-geletterdheid. Organisaties die AI aanbieden of gebruiken moeten maatregelen nemen om de AI-geletterdheid te ondersteunen van medewerkers en anderen die namens hen met AI-systemen werken. Daarbij moeten zij rekening houden met kennis, ervaring, opleiding, gebruikscontext en de mensen op wie het systeem wordt toegepast.
Nieuw is dat een organisatie niet langer een specifiek niveau van AI-geletterdheid van iedere individuele medewerker hoeft te garanderen. De Europese Commissie en de lidstaten krijgen daarnaast een grotere rol bij praktische voorbeelden, ondersteuning en gemeenschappelijke doelen.
Voor scholen geeft dat meer ruimte om professionalisering passend te organiseren. Het gevaar is dat een soepelere formulering wordt vertaald naar minder scholing. Juist bij beoordeling, leerlingbegeleiding, privacygevoelige gegevens en toolinkoop blijft praktische AI-geletterdheid nodig: medewerkers moeten weten wat een systeem doet, waar het kan falen, welke gegevens het verwerkt en wanneer menselijke controle noodzakelijk is.
Kansen van de extra voorbereidingstijd
Voor PO, VO, MBO, HBO en WO biedt het uitstel tijd om verder te gaan dan een losse lijst met toegestane tools. Scholen en instellingen kunnen per systeem vastleggen welk doel het heeft, wie de uitkomst gebruikt en wat er voor een leerling of student van afhangt.
Die inventarisatie kan ook verborgen AI zichtbaar maken. AI zit niet alleen in ChatGPT, Gemini, Claude of Copilot, maar kan onderdeel zijn van leermiddelen, surveillancesoftware, leerlingvolgsystemen, dashboards, toelatingsprocessen en feedbackplatforms. De nieuwe termijn maakt het mogelijk om leveranciers gericht te vragen naar risicoclassificatie, trainingsdata, logging, menselijke controle, foutmarges en mogelijkheden voor bezwaar.
De uitgebreidere mogelijkheden voor gereguleerde testomgevingen kunnen daarnaast helpen om systemen kleinschalig te onderzoeken voordat ze beslissingen over echte leerlingen of studenten ondersteunen.
Het risico van wachten tot 2027
Een latere wettelijke deadline maakt een onzorgvuldig systeem niet tijdelijk veilig. Een fout cijfer, onterechte fraude-indicatie of bevooroordeelde toelatingsselectie kan vandaag al grote gevolgen hebben. Hetzelfde geldt voor het verwerken van bijzondere of gevoelige persoonsgegevens.
Ook leveranciersafhankelijkheid groeit wanneer een instelling een systeem eerst breed invoert en pas later uitzoekt of het aan de regels kan voldoen. Achteraf logging, uitleg, bezwaarprocedures of menselijk toezicht toevoegen is vaak moeilijker dan deze eisen vooraf in inkoop en ontwerp opnemen.
De Omnibus voegt bovendien een verbod toe op AI-systemen voor niet-toegestane seksueel expliciete beelden en materiaal van seksueel misbruik van kinderen. Dat verbod gaat op 2 december 2026 gelden en is voor scholen relevant bij beleid rond synthetische beelden, sexting, pesten en online veiligheid.
Wat onderwijsorganisaties nu kunnen doen
- Maak een register van AI-systemen in onderwijs, toetsing, toelating, begeleiding en administratie, inclusief AI die in bestaande software is ingebouwd.
- Leg per systeem het beoogde gebruik, de betrokken gegevens, de beslissingsimpact en de verantwoordelijke medewerker vast.
- Controleer specifiek systemen die cijfers voorstellen, leerpaden sturen, niveaus adviseren, kandidaten selecteren of toetsgedrag analyseren.
- Vraag leveranciers schriftelijk hoe zij hun product onder de AI-verordening classificeren en welke documentatie, logging en menselijke controle zij ondersteunen.
- Behoud of ontwikkel scholing voor docenten, examencommissies, inkopers, privacyprofessionals, ICT-teams en bestuurders, ook nu artikel 4 soepeler is geformuleerd.
- Wacht bij toepassingen met grote gevolgen niet tot december 2027 met een DPIA, duidelijke bezwaarroute, menselijke eindbeslissing en periodieke controle op fouten en bias.
De kern
De EU geeft onderwijsorganisaties zestien maanden extra voordat de specifieke regels voor hoog-risico-AI in onderwijs gaan gelden. Dat is nuttige voorbereidingstijd, geen vrijstelling. De beste inzet van het uitstel is daarom niet meer experimenteren zonder voorwaarden, maar eerder zichtbaar maken waar AI al beslissingen over leerlingen en studenten beinvloedt en daar nu passende professionele, technische en juridische waarborgen omheen bouwen.