Docenten gebruiken vaker AI, maar training blijft achter
Nieuw onderzoek van Pearson laat zien dat AI in het onderwijs snel normaler wordt, maar dat de professionalisering van docenten daar nog niet in hetzelfde tempo in meebeweegt. Het nieuws werd op 4 juni 2026 gepubliceerd en is gebaseerd op meer dan 14.000 reacties uit het Britse onderwijs.
Voor Nederland en België is dat herkenbaar. Ook hier gebruiken docenten, studenten en leerlingen AI steeds vaker voor uitleg, lesvoorbereiding, feedback, planning en administratieve taken. De grotere vraag is daarom niet meer óf AI er is, maar of onderwijsprofessionals er didactisch sterk genoeg mee leren werken.
Wat valt op in het onderzoek?
Pearson noemt vier signalen die voor onderwijsinstellingen relevant zijn:
- Het aandeel schooldocenten dat zegt leerlingen over AI te kunnen onderwijzen steeg van 9 procent in 2025 naar 16 procent in 2026.
- Het aandeel docenten dat zegt dat AI in de afgelopen twee jaar een positieve impact had op school steeg van 12 procent in 2024 naar 29 procent in 2026.
- Slechts 8 procent van de docenten vindt dat zij leerlingen nu echt voorbereiden op een toekomst waarin AI normaal is.
- 53 procent wil meer professionalisering over verantwoord en effectief AI-gebruik in de onderwijspraktijk.
Dat is precies de fase waarin veel scholen en instellingen nu zitten: AI levert al tijdwinst en praktische voordelen op, maar het onderwijsmodel zelf is nog niet mee veranderd.
Waarom dit relevant is voor Nederland en België
Deze ontwikkeling raakt alle sectoren:
- In het PO en VO gaat het om basisafspraken, leeftijdsgericht gebruik en AI-geletterdheid.
- In het MBO gaat het om beroepsgerichte toepassing, transparantie en oefensituaties die aansluiten op werkvelden waar AI al gebruikt wordt.
- In het HBO en WO verschuift de vraag naar curriculumontwerp, toetsing en academische integriteit in een wereld waarin krachtige AI-tools standaard beschikbaar zijn.
De Britse cijfers zijn dus geen lokaal detail. Ze maken zichtbaar wat hier ook speelt: losse experimenten zijn niet genoeg meer.
Wat scholen en instellingen hiermee kunnen doen
Een bruikbare vervolgstap is om niet meteen te starten met een nieuwe tool, maar met drie ontwerpvragen:
- Welke AI-vaardigheden moeten leerlingen en studenten per sector daadwerkelijk leren?
- Welke taken mogen docenten met AI ondersteunen zonder dat het zicht op leren verdwijnt?
- Welke training hebben teams nodig om AI veilig, kritisch en vakinhoudelijk sterk te gebruiken?
Zodra die vragen helder zijn, wordt AI-beleid praktischer. Dan gaat het niet alleen over verboden of toegestane tools, maar over bekwaam handelen.
De kern
Het belangrijkste signaal uit dit nieuws is simpel: adoptie groeit sneller dan didactische voorbereiding. Voor onderwijsprofessionals in Nederland en België is dat een reden om AI niet langer als losse innovatie te behandelen, maar als onderdeel van curriculum, toetsing en professionalisering.