AOb vraagt om publieke AI en regie voor leraren
De Algemene Onderwijsbond (AOb) vraagt het kabinet om publieke AI voor het onderwijs mede te ontwikkelen en leraren en ondersteuners een beslissende stem te geven over de AI-infrastructuur op scholen. De oproep is actueel voor Nederlandse scholen: de vraag verschuift van alleen “welke tool gebruiken we?” naar “wie bepaalt de voorwaarden waaronder die tool werkt?”
De AOb koppelt die regie aan publieke investeringen, gelijke toegang en een ethische AI-raad. Daarmee raakt de oproep niet alleen aan technologie, maar ook aan professionalisering, arbeidsvoorwaarden, gegevensbescherming en de inrichting van onderwijs.
Wat er nieuw is
De Nationale Onderwijsgids publiceerde dit bericht op 11 september 2026. De bron vat een position paper van de AOb samen. Daarin vraagt de bond om eigen publieke AI-tools, extra geoormerkt budget voor AI-scholing en structurele uren in de formatie en taakbelasting. De voorgestelde scholing zou bovendien aan nieuwe kwaliteitsstandaarden moeten voldoen.
De AOb zegt niet dat AI uit scholen moet verdwijnen. Volgens bestuurder Kim van Strien is een verbod onrealistisch; de overheid moet scholen juist helpen om AI zo in te voeren dat zij controle houden over data en veiligheid. De positie is een belangenbehartigende oproep, geen vastgesteld kabinetsbeleid en geen bewijs dat publieke AI-tools al beschikbaar zijn.
Waarom dit onderwijsrelevant is
Voor leraren gaat AI niet alleen over lesideeën of tijdwinst. Een systeem kan invloed hebben op feedback, differentiatie, leerlingbegeleiding, toetsing en administratie. Als scholen zulke systemen invoeren zonder dat onderwijspersoneel kan meepraten, wordt een technische keuze ook een pedagogische en organisatorische keuze.
Publieke ontwikkeling kan ruimte bieden voor Europese waarden, controleerbare gegevensverwerking en betere aansluiting op Nederlandse onderwijsdoelen. Tegelijk is “publiek” geen garantie voor kwaliteit of privacy. Ook een publieke voorziening moet uitlegbaar, toegankelijk, veilig en didactisch verantwoord worden ontworpen en getest.
De kansen
Meer professionele zeggenschap kan ervoor zorgen dat leraren eerder aangeven waar AI werkelijk helpt en waar de tool juist extra controlewerk oplevert. Dat is relevant bij automatisch gegenereerde feedback, niveaudifferentiatie, materiaalontwikkeling en leerlinggerichte toepassingen.
Structurele scholing kan AI-geletterdheid verbinden aan het vak in plaats van aan losse workshops. Teams kunnen dan oefenen met broncontrole, toetsontwerp, privacy, bias, toegankelijkheid en het herkennen van overtuigende fouten. Ook kan publieke infrastructuur de afhankelijkheid van één commercieel ecosysteem verkleinen en scholen meer keuzevrijheid geven.
Grenzen en risico's
De AOb-positie is een beleidsvoorstel van een vakbond. De bron onderbouwt niet dat een specifieke publieke AI-oplossing technisch of pedagogisch beter zal zijn dan bestaande systemen. Scholen moeten dus blijven vragen naar onafhankelijke evaluatie, beveiliging, foutpercentages, toegankelijkheid en de gevolgen voor werkdruk.
Er is ook een risico dat publieke regie te abstract blijft. Leraren hebben concrete afspraken nodig over welke gegevens in een systeem mogen, wie uitkomsten controleert, wanneer een opdracht AI-vrij moet zijn en hoe leerlingen bezwaar kunnen maken tegen een foutieve AI-uitkomst. Bij beoordeling, selectie, ondersteuning en zorg mag menselijke verantwoordelijkheid niet verdwijnen.
Een tweede risico is ongelijke toegang. Als publieke AI alleen beschikbaar komt voor scholen met voldoende ict-capaciteit of scholing, kan de voorziening bestaande verschillen vergroten. Inkoop, ondersteuning, onderhoud en begrijpelijke uitleg horen daarom vanaf het begin bij het plan.
Wat teams nu kunnen afspreken
- Geef leraren en ondersteuners een formele stem bij de keuze en invoering van AI, niet alleen bij de evaluatie achteraf.
- Leg per toepassing vast welk onderwijsdoel wordt ondersteund, welke gegevens nodig zijn en welke uitkomsten nooit automatisch beslissend mogen zijn.
- Reserveer tijd voor gezamenlijke scholing binnen de formatie en koppel die aan toetsing, feedback, privacy en toegankelijkheid.
- Vraag leveranciers en publieke ontwikkelaars om auditinformatie, wijzigingsmeldingen, incidentprocedures, gegevensportabiliteit en een veilige exit.
- Test een AI-toepassing met verschillende leerlingen en docenten voordat deze onderdeel wordt van een vaste workflow.
- Houd lessen, toetsvormen en leerlingbegeleiding uitvoerbaar wanneer een leverancier, account of model tijdelijk niet beschikbaar is.
De kern
De AOb vraagt om publieke investeringen en echte zeggenschap van onderwijsprofessionals over AI op school. Voor leraren is de praktische les dat professionele regie niet vanzelf volgt uit een publieke of commerciële tool: teams moeten zelf vastleggen welke rol AI krijgt, welke waarden beschermd worden en wanneer een mens het laatste woord houdt.
_Beeld: Nationale Onderwijsgids; afbeelding bij het aangeleverde bericht._